Home  » Diensten » Bemalingswater op riolering » Juridisch kader

Juridisch kader

Artikel 5.53.6.1.1.§2 van Vlarem II bepaalt voor  bronbemalingen noodzakelijk voor de verwezenlijking van bouwkundige werken of de aanleg van openbare nutsvoorzieningen (subrubriek 53.2):

Het grondwater dat onttrokken wordt bij de bronbemalingen bedoeld in subrubriek 53.2 van de indelingslijst moet, in zoverre dit met toepassing van beste beschikbare technieken mogelijk is, zoveel mogelijk terug in de grond worden ingebracht buiten de onttrekkingszone. Hiervoor kan gebruikgemaakt worden van infiltratieputten, infiltratiebekkens of infiltratiegrachten. Indien dit technisch onmogelijk is mag het water geloosd worden in het openbare of private hydrografische net. De infiltratie of de lozing van het opgepompte grondwater mag geen wateroverlast voor derden veroorzaken.

Volumes hoger dan 10 m3 per uur mogen niet geloosd worden in openbare rioleringen aangesloten op een rioolwaterzuiveringsinstallatie behoudens de uitdrukkelijke schriftelijke toelating van de exploitant van deze installatie (Aquafin NV).

Een toelating van Aquafin NV kan enkel worden verleend indien de aanvrager bereid is de verwerkingskost te betalen. De aanrekening van deze verwerkingskost gebeurt op basis van een saneringscontract met Aquafin NV conform artikel 32septies §4 van de Wet Oppervlaktewateren. 

Lozingen van meer dan 10 m³/u of langer dan 6 maanden op de openbare riolering zijn bovendien onderworpen aan de heffing op waterverontreiniging (sector 58, zie www.vmm.be/heffingen).  Uitzondering zijn bemalingen noodzakelijk voor de bouw van een gezinswoning met een kelderverdieping kleiner dan 150 m².

De kost betaald via de overeenkomst met Aquafin NV wordt bij aangifte van de heffing bij VMM in mindering gebracht van het heffingsbedrag.


Diensten
Diensten